Posts tonen met het label RIP. Alle posts tonen
Posts tonen met het label RIP. Alle posts tonen

zondag, oktober 10, 2010

Solomon Burke: het verhaal van het ei



Solomon Burke had een ei op zijn hoofd. Alsof iemand hem gisteravond met een knuppel op zijn hoofd had geslagen. Je zag het als hij zijn hoed afzette, aan de linkerkant, net boven zijn slaap. En je keek er elke keer weer naar als een bediende zijn hoofd depte met een handdoekje. Naar verluidt was het een van zijn 21 kinderen, die bediende. Hij hielp de reusachtige Solomon ook het podium op en af, en zette hem dan rustig neer op zijn troon. Daar kwam hij alleen vanaf om halverwege het optreden de vrouwen op de eerste rij een roos te geven. Burke, de man met het grote hart, vooral voor de helft van de mensheid. "Ik was jong en de meisjes kwamen van alle kanten", zegt hij in een interview. "Ik kon ze niet allemaal liefhebben, maar ik heb het wel geprobeerd."

Ik heb hem nooit gesproken, maar als het ooit tot een interview was gekomen had ik vast een vraag gehad. Er moet een verhaal zitten achter dat ei, want achter Solomon Burke scholen vele verhalen. Solomon Burke was niet alleen een geweldige soulzanger, maar ook dominee, apotheker en limo-verhuurder. Kortom, een oude sjacheraar. Het verhaal gaat dat hij hoogstpersoonlijk op zijn fiets naar de apotheek om de hoek reed om de medicijnen te halen die hij niet in huis had. En op een goede dag tikte hij een partij popcorn op de kop, die hij verkocht in de hal van het Apollo Theater in Harlem, tot ongenoegen van de zaal.

De zanger uit Philadelphia brak door in een van de meest fascinerende tijden van Afro-Amerika, begin jaren zestig, toen het nog allerminst een uitgemaakte zaak was dat zwarte mensen evenveel rechten hadden als blanken. Burke belandde ooit bij toeval op een bijeenkomst van de Ku Klux Klan. De boeker had niet begrepen dat Burke zwart was, en Burke had pas door waar hij was toen hij 30.000 witte mutsen tegenover zich zag. Hij heeft drie kwartier gespeeld en is daarna onder politiebegeleiding afgevoerd, vertelde hij in een interview. Een bittere realiteit, maar Burke was opportunistisch genoeg om ook daar een handeltje uit te halen. Als zwarte zangers tijdens de tour geweigerd werden in de restaurants langs de route, verkocht hij ze sandwiches.

Ik vond niet alle platen die Burke de laatste jaren maakte mooi. Dat nummer met Junkie XL vond ik zelfs een draak. Maar zijn comebackalbum Don't Give Up On Me uit 2002 heb ik grijsgedraaid. Dat kwam door de producties van Joe Henry. In de jaren tachtig vergreep Burke zich nog wel eens aan goedkope elektrische piano's, Henry pakte dat veel smaakvoller aan. En dan waren er natuurlijk de songs van grote namen als Elvis Costello, Bob Dylan en Tom Waits. Maar het allermooist was toch dat titelnummer. Het was zijn My Way, een nummer over spijt dat een extra lading krijgt als het gezongen wordt door een stem van zestig.

Solomon Burke was het type zanger dat elke avond tegen zijn publiek zei dat ze het beste ooit waren, met zo'n gulle lach erbij. Je wist dat het niet waar was, maar toch geloofde je hem. Precies zo geloofde ik ook niet dat hij ooit ergens echt spijt van had, hoe vaak dat ook van hem verlangd zal zijn. Hij beantwoordde die vraag ongetwijfeld met een grote glimlach en met een nummer van zijn album King Solomon uit 1968: Take Me Just As I Am.

Solomon Burke overleed zondagochtend op Schiphol, op weg naar Nederland voor een optreden in Paradiso met De Dijk. Hij werd 70 jaar. Hier een Spotify playlist met het beste van Solomon Burke. Foto Jazz Fest Wien Team.

vrijdag, juni 18, 2010

Garry Shider: Rest In P


Gitarist Garry Shider trad bijna zijn hele carrière op in een luier. Die stond hem zo natuurlijk dat ik juist vreemd opkeek toen ik hem een keer een peuk zag roken voor de deur van Tivoli, gekleed in een doodnormale joggingbroek. Om zijn schouder een sporttas, met daarin waarschijnlijk zijn outfit en zijn tandenborstel. Een uur later zou hij als een 50-jarige met babyvet op het podium staan. Ik aarzelde of ik een praatje met hem moest maken. Wat moet je vragen aan iemand die al meer dan dertig jaar eerste luitenant is in George Clinton's P-Funk army? Aan de man die jaren terug meeschreef aan klassieke albums als Cosmic Slop en One Nation Under A Groove en die tijdens de legendarisch lange shows de meeste minuten op het podium maakt. Garry Shider is niet meer. Hij overleed 16 juni op 56-jarige leeftijd aan de gevolgen van longkanker en een hersentumor.

Mensen noemden Shider ook wel the diaperman, maar dat was niet zijn officiële aanspreektitel. Die luier was de kroon van de messias van de funk, Starchild, afgevaardigde van Dr Funkenstein op aarde. Het paste in het buitenaardse universum dat Clinton halverwege de jaren zeventig lanceerde met Parliament. Hij promoveerde funk tot een hoger doel. Funkenstein en zijn volgelingen zouden de wereld ontdoen van haar grauwe sluier, met een dwingende funkgroove. Niet met hippie-achtig idealisme, maar met een hallucinerend mengsel van drugs, seks en science fiction.

Natuurlijk castte Clinton zichzelf in de hoofdrol. In de hoogtijdagen van de P-Funk kwam hij halverwege de show in een ruimteschip uit de coulissen naar beneden. Minutenlang speelde de band een hypnotiserend 'sweet chariot stop and let me ride'. En daar kwam hij dan, in wit fluwelen pak met pooierstaf. Shider kreeg de rol van Starchild, de jonge evangelist van de meester die hij vermoedelijk ook echt was. Hij was 19 toen hij in 1971 voor het eerst een gitaar om zijn nek mocht hangen in Parliament-Funkadelic, Clinton had toen al een half leven achter zich. Toen het collectief begin jaren tachtig kapot liep op de grote ego's, bleef hij Clinton trouw. “Jij bent diaperman”, moet Clinton op een goede dag tegen hem gezegd hebben. Precies zoals hij volgens de legende gitarist Eddie Hazel ooit opdroeg een gitaarsolo te improviseren alsof zijn moeder zojuist overleden was. Het idee moet ontstaan zijn in een roes van acid, ergens tussen melig en volstrekt serieus in. Lang voor P!nk werd Shider al aan een touw over het publiek heen gevlogen. Hij vond het best. Het kreeg zijn moment.

De seks- en drugswolk rond Clintons mannen is nooit opgetrokken. Waar andere soul- en funksterren uit de jaren zeventig verworden tot gladde hitcombo's, bleef P-Funk een spectaculair zooitje ongeregeld. Niks sessieblazers, P-Funk tot de dood. Bij diezelfde show in Tivoli stond ik naast een meisje op de eerste rij dat nadrukkelijk solliciteerde naar een plek in de bus. Ze trok haar decolleté zo ver naar beneden dat weinig aan Clinton's rijke verbeelding overgelaten werd. Het aanbod werd wellustig geaccepteerd. De dame verdween na een wilde sandwich-act achter het podium en bleek daar twee dagen later in Paradiso nog steeds te zijn. De rol van Garry Shider bij dat soort momenten? Doorspelen. Alsmaar doorspelen, twintig minuten hetzelfde als het moest. Shider stond ondanks zijn opvallende outfit vaak in de schaduw, maar dat was een rol die hem lag. Rijk is ie niet geworden van dertig jaar P-Funk, want er moest een speciaal fonds opgericht worden om de doktersrekening te betalen. Rest in P.

EHPO en Het Zesde Vlak haalden voor de gelegenheid hun fraaie Perfect Parliament/Funkadelic opnieuw tevoorschijn.