Posts tonen met het label visie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label visie. Alle posts tonen

woensdag, juli 07, 2010

Prince: de valse Willy Wonka van de popmuziek



Ik weet niet hoe het met jullie zit, maar ik vind Willy Wonka een lul. Een zelfingenomen chocolademagnaat die normale stervelingen een kijkje biedt in zijn sprookjesimperium. Een egocentrische dandy met een hoge hoed en valse grijns. Je bent geneigd bewonderend naar hem te kijken, naar die excentrieke vogel, self made man. Maar al snel merk je dat hij dat helemaal niet verdient. Willy Wonka geeft zogenaamd gul gouden tickets weg, maar uiteindelijk draait het alleen om zijn eigen entertainment.

Legende Prince manifesteert zich zijn halve carrière al als de Willy Wonka van de popmuziek. Bijna letterlijk. Deze week verscheen in de Britse krant The Daily Mirror een zeldzaam interview met The Purple One, en de journalist in kwestie voelt zich ook even kleine Sjakie. Hij wordt uitgenodigd in Prince's Paisley Park complex in Minneapolis en rondgeleid langs platina platen en oogverblindende instrumenten. Het is de plek waar in de loop der jaren heel veel beroemde muziek opgenomen is. Prince geeft er concerten voor uitverkorenen in zijn eigen zaaltje, capaciteit 1.000. De ster loopt koket rond en als de journalist nog wat vragen probeert te stellen kirt hij: “Too many questions.” Aan het eind van de rondleiding nodigt Prince de journalist uit voor een jamsessie. Hier zijn de drumstokjes, go. Na een paar minuten ontslaat hij hem weer uit zijn band. Natuurlijk heeft zo'n interview wat kleuring door de blik van de journalist in kwestie, maar dit beeld is niet nieuw. Zo gaat het altijd bij Prince. In de zeldzame interviews die hij geeft, komt hij graag over als ongrijpbaar en mysterieus, palmt hij zijn gehoor in met zijn opvallend zware stem en vreemde verschijning. Prince is een geweldige muzikant, maar een amicale kerel zal hij nooit worden.

Dat Prince met The Daily Mirror wil praten is geen verrassing. Aanstaande zaterdag geeft hij zijn nieuwe album 20TEN weg bij de krant, een deal die hem ongetwijfeld geen windeieren legt. Ook de Belgen zullen het album zaterdag bij de krant vinden. Het Nieuwsblad voegt 20TEN bij het nieuws van de dag, ter gelegenheid van zijn show in Werchter die avond. Prince heeft een mening over het verspreiden van muziek. Niet via internet in elk geval. “The internet's completely over”, zegt hij tegen The Daily Mirror. “The internet's like MTV. At one time MTV was hip and suddenly it became outdated.” Is het internet over? Natuurlijk niet, het begint pas. Eigenlijk is dat niet eens de moeite van het discussiëren waard. Je kunt er een hekel aan hebben, je mag vinden dat het internet slecht is voor artiesten of dat het de muziekbeleving oppervlakkiger maakt, maar zeggen dat de dagen van het wereldwijde web geteld zijn is net zoiets als zeggen dat oorlog voeren met hi-tech raketbesturing wel over zijn piek heen is. Internet en digitale gadgets (lees: de iPod) zijn slecht voor de mens, vindt Prince. “They just fill your head with numbers and that can't be good for you.”

Prince vindt het niks, dat internet, en toch was hij een van de pioniers. Jaren geleden al was hij een van de eerste artiesten die zijn eigen webshop had en zo het heft in eigen hand nam. Zijn album Rainbow Children uit 2001 was alleen via zijn exclusieve club te bestellen. Ook winkels konden alleen met moeite aan het album komen, waardoor het voor een veel hoger bedrag in de fysieke schappen lag dan andere cd's. Maar gaandeweg raakte hij kennelijk teleurgesteld. Hij schakelde terug naar de oude wereld. Voor zijn album Musicology sloot hij een distributiedeal met de ouderwetse platenmaatschappij Sony. De conclusie: distributie gaat niet vanzelf, je hebt mensen nodig die er verstand van hebben. In 2007 kwam hij met een revolutionair idee: de Britse krant Mail On Sunday gaf drie miljoen exemplaren weg van zijn nieuwe album Planet Earth. Het diende meteen als promotool voor zijn gigantische concertreeks in de O2-arena in Londen.

In het Mirror interview zegt Prince geen enkele reden te zien waarom hij zijn muziek aan iTunes of andere online platforms zou geven. “They won't pay me an advance for it and then they get angry when they can't get it.” Die houding staat Prince niet aan. Als geen ander zit hij YouTube achter de vodden als er weer een filmpje van hem op de site verschijnt. Prince vergeet echter één belangrijke reden waarom hij zijn muziek toch beschikbaar zou kunnen maken op internet: zijn fans willen het. Natuurlijk willen zijn fans het. Aanstaande zaterdag zullen zijn aanhangers in Engeland naar de sigarenboer op de hoek rennen om The Daily Mirror te kopen. En de rest? Die moet een uurtje langer wachten, tot iemand de cd geript en geüpload heeft.

Eén ding heeft Prince heel goed begrepen: mysterie en exclusiviteit zijn belangrijk in de popmuziek. Prince laat geen vragen toe over zijn privéleven en heeft een hekel aan het verleden. Vroeger, in zijn Purple Rain film, hing hij al de mysterieuze, ongrijpbare freak uit. Na een groot stadionconcert geeft Prince vaak exclusieve aftershows, voor de echte fans, met de echt goede muziek. Deze zomer gaat hij op tour, maar op de agenda staan maar drie shows. Het is de basis van zijn bestaan, dit is waarom mensen fan van hem zijn. Maar gaandeweg is Prince doorgeschoten. Zijn exclusiviteit en vreemdheid is geen artistiek model meer, maar een economisch model. Hij denkt alleen aan zijn eigen portemonnee, en niet aan die van de fan. Hij is een gierige ster geworden, vermomd als een vrijgevige weldoener. In plaats van de muziek onvoorwaardelijk aan zijn fans te geven, probeert hij zelf de volledige controle te houden. En als er iets niet kan in het internettijdperk, is dat het wel.

Het kwam nog een beetje goed met Willy Wonka, het blijft tenslotte een sprookje. Aan het eind van het verhaal blijkt in die onuitstaanbare kwast een klein hartje te zitten. Een gekwetst klein kind. En toch, toch blijft het een lul.